dinsdag 28 april 2009

Kunstzinnige hectiek

Goedemorgen Bellen,


já, dat is een poos geleden weer - maar ik ben wel echt nuttig bezig geweest. Niet alleen ben ik inmiddels aan het genieten van mijn nog 4 weken resterende vakantie, ook leer ik zo af en toe nog wat voor mijn aankomende examens. Maar buiten dat heb ik mezelf ook in een creabea proces gegooid. Samen met mijn gitaartalentmannetje Hein betraden we de planken van Kunstbende, een wedstrijd voor jóng talent zoals ze zichzelf omschrijven.

In een week tijd hebben we ons vreselijk gepusht om de zogenaamde act in elkaar te zetten. Het plot?

Een bruid vertelt haar verhaal over het verliefd worden op een man, het o zo geweldig vinden van diezelfde man, het adoreren van die man, haar man. Verliefd zijn slaat om in obsessiviteit en eindigt in totale hysterie. Een verhaal over de enige macht waarvoor je zou moeten strijden; de macht over jezelf.

Hein en ik begaven ons in de categorie Taal en to be quite honest had ik misschien wel een beetje verwacht om een podiumplaatsje na afloop te kunnen bemachtigen. Maar, realiteit is een bitch, en zeker wanneer je na de eerste twee regels een totale blackout krijgt. Dag tekst, dag mijn zelf geschreven woorden. Maar wat kan je doen? Ik had niet toevallig een mooi a4tje in de hand om mezelf er weer terug in te gooien - niet dat dat veel zin had gehad in het totale donker met niks meer dan een zaklamp schijnend op mijn met uitgelopen mascara en lippenstift besmeurde gezicht. Nee, er viel maar één ding te doen: Improviseren.

So I did. Ik vertelde zinnen die ik niet kende, zinnen die ik wel kende, woorden die me te binnen schoten blurde ik eruit en met een hoop gegil en hysterische bewegingen trok ik mezelf door de act. Hein was geweldig met zijn gitaarbegeleiding, aangezien die geen idee had waar ergens ik me in het verhaal bevond. En weetje, eigenlijk voelde het ergens wel fijn. Het gewoon op eigen spur of the moment instinct te moeten brengen. De zaal had niks door, niemand niet, behalve Hein en ik natuurlijk en jammer genoeg de jury die meelazen met mijn tekstversies - die uiteindelijk dus niet kwam. Tjah, dan kan je het wel schudden. Na afloop voelde ik me dan ook wel een beetje klein (érg klein dit keer). Het is gewoon een rotgevoel dat je niet alles hebt kunnen geven, dat je ergens toch wel hebt gefaald door het compleet vergeten van je tekst.

Maar, het is zo als het gaat, en a la Daft Punk zeggen we dan:

work it, make it, do it, makes us harder. better. faster. stronger.

Hieronder kan je de tekst vinden. Ik hoop ergens binnenkort nog een filmpje ervan te kunnen scoren. Meer foto's zullen in ieder geval volgen.

Met het lezen van de tekst moet je je proberen in te beelden dat het helemaal zwart van het donker is, alleen Hein op zijn gitaar zit in een spot. Ik ben niet te zien, slecht mijn gezicht. de obsessiviteit start vanaf de samen slapen strofe, de hysterie vanaf Maar dat kon niet altijd. Hier werd de voordracht schreeuwerig etc.

Wat je bij het einde zag zal ik onder de tekst posten, dus lees bellen, lees!



Bruidsschat.

Ik was die avond ietwat verlopen, had een kou, liep te open zonder jas of trui. Stroopte op mijn mouw, of mijn vel – dat schilfert zo fijn. En fijn was ook hij en de nacht de hij met zich mee nam.
(start gitaarbegeleiding)
Zijn ogen waren als de muziek, opzwepend aanwezig en onlosmakend. Mijn nog bleke lijf bewoog op het stevige ritme en hier en daar kroop mijn korte rode jurkje omhoog. Ik glimlachte en keek ondeugend weg, terwijl ik mijn handen richting hem een weg liet banen. Het was nog vroeg in de avond, maar zoals gewoonlijk dronk ik in sipjes mijn witte martini met ijs. Hij was knap, zo met zijn speelse gezicht en hoewel ik zachtjes de neiging onderdrukte zijn te strakke shirt van zijn heerlijke blokjesbuik te scheuren, was hij te glad. Onverstoorbaar knarste ik het laatste ijsklontje in stukken en vergaf hem zijn praatjes – ik trok hem de vloer op. Lachend en nee schuddend keek hij me aan, maar eigenwijs als ik was, wist ik dat hij dit duel zou verliezen. Met grote Bambi-ogen en een opgezet pruillipje, liet ik mijn handen door zijn zweterige haar gaan. Ik won en al snel ondersteunden zijn mannenarmen mijn heupbewegingen.

En hij? Hij lachte, hij lachte, hij lachte.

Zijn bed werd mijn bed. De druk om te doen alsof we onnozel waren was aanwezig, maar ik zwichtte. Net als hij. En toen staarden we, strengelden we, streelden we elkaar. Ik proefde zijn koude, door de winterhagel aangeslagen maar heel gebleven, lippen. Ze smaakten zout, zoals de zonnebloempitten. Hij zoende teder mijn nek, ik verkrampte maar glimlachte, net als hij. We bladerden door lepeltjesvormen, maar stopten met onze hebberige blikken geen beloftes terug op plaatsen die verhuld waren met zwarte lingerie en rafelend kant.

Ja, die nacht was de nacht waarin ik van hem werd.


Samen slapen werd samen wonen en mijn lichaam was niet langer alleen van mij. Mijn vrienden zagen niet hoe mooi hij was, ze begrepen niet hoe fijn ik het had. Hoe blij ik was om naast hem te staan, of achter. Hoe heerlijk hij rook wanneer hij thuis kwam, want hij rook naar zoete bloemen en andere lentegeuren. En ik wilde hem beminnen, knijpen zonder reden, lachen met gevoel. Ik wilde van hem houden en zijn ogen de weg wijzen naar onplaatsbare redenen. Ik wilde met hem zijn, altijd, overal.

En hij? Hij lachte, hij lachte, hij lachte.

Maar dat kon niet altijd, dat ging niet altijd. Soms niet, soms moest ik wachten. Maar dat deed ik graag, op hem, voor hem. Uren, nachten, dagen. Ik wachtte op hem. Ik wachtte op het moment dat hij me we weer beet pakte, me weer zou beminnen. Ik droeg mijn rode jurkje weer opnieuw en mijn gelogen witte trouwjurk vol intrige daarbij. Ik knuffelde hem graag fijn, en hij mij ook. Fijn, ja, ja ja hij knuffelde me graag fijn. Hij hield me graag vast. Overal, altijd. Ja, vasthouden, dat kon hij goed. Daar was hij goed in. En in vertellen, daar was hij ook goed in. Want ik moest veel leren, heel veel leren, blijven leren. Altijd leren. Ik moest luisteren, luisteren, want dat kon ik niet zo goed zei hij. Maar hij hielp me, ja, hij hielp me. Hij stond altijd voor me klaar, op me te wachten. Terwijl hij rook naar lentegeuren, maar niet naar mijn lentegeuren. Mijn lichaam was immers zijn lichaam – en hoe kon ik zijn vraag negeren, weigeren? Ik moest, ik moest ja zeggen op zijn geknielde verzoek. Trouwen in het wit alsof ik nog maagd was met zo’n beest.

En hij? Hij lachte, hij lachte, hij lachte. Want ik was van hem, alles van mij van hem. En nooit deed ik het goed. Nooit deed ik het goed. Macht, machteloos stond ik. Want hij was zo mooi, zo machtig, zo allesbeheersend. Ja, macht, macht. Maar hij vond mijn lentegeuren niet meer lekker, niet meer fijn. En ik kon niet meer tegen het knuffelen, het altijd, overal fijn knuffelen. Knuffelen tot mijn blauwe plekken verkleurden, mijn blauwe vlekken voor mijn ogen me alarmerend waarschuwden. Ik kon niet meer, ik wilde niet meer. Ik was omsingeld door pas gebroken takken, door norse voluptueuze vrouwen die hem begeerden, die via blikken mijn kippenvelhaar vermorzelden, door fictieve vooroordelen. Mijn vingers kleefden onlosmakend aan elkaar en mijn adem stokte bij elke traan die viel. Ik was radeloos, hysterisch, psychisch onwel –


maar buiten dat, vol rust in de grote leegte die ik mee droeg met me.


(en op dit moment ging het licht aan en zag je mij in een met bloed vergoten witte trouwjurk op de grond liggen met een mes. Mijn haar was gigantisch, mijn mascara uitgelopen, mijn lippenstift overal.)












zondag 5 april 2009

Madcon!

Ik wil jullie even snel updaten over mijn nieuwste Noorweegse snoepje waarvan jullie misschien zelfs de muziek, bewust al dan niet onbewust, kennen:

MADCON.

Beggin' (wordt momenteel ook gebruikt in een sportief reclamemomentje)


Liar


Enjoy en check de rest van hun nummers eens!

feel like dancing, dancing

'Avond Bellen,

man o man wat een gewéldig weekend, echt top! Schandalig laat kroop ik vandaag uit mijn rozewit geblokt bedje om vervolgens een heerlijk bad, mét bubbels, te nemen. En nu, zo na het eten en de wel bekende afterdinnerdip is het tijd om mijn weekendje te overzien;

013, studentsounds. Wat een ávond. Dansen, sjansen en nog meer dansen, zijn de main woorden van die nacht. Jongens met hippe neonkleurshirts, nerdy gasten die uit de maat bewegen en lieve mannen die stiekem iets ouder zijn dan dat ze geschat worden. Talloze opmerkingen over mijn waterflesje, maar liefknikkend leg ik uit over dat ik 1) een hekel heb aan dansen met drinken in mijn handen en het waterflesje een mooi blauw dichtdraaiend dopje bevat, en 2) van water houd omdat het vochtbrengend is, meer dan welk ander drankje dan ook.

Terugstrompelend, eerste trein missen en die dingen. Ja, het was een feestje. Volgende keer zeker weer dus.

Op vrijdag was het tijd voor een supriseparty van mijn lieve dinnetje Lou. Oh oh wat was ze in totale shock toen ze een 50tal mensen aantrof tegenover haar huisje. Een prachtig moment, zeker wanneer ze na 20 sec haar eigen persoonlijke Miss-momentje had door het o zo typerende handje voor haar opengevallen mond te plaatsen. Kodakklikje!

En zaterdag was het Breda's stappentrappentijd. Na geboogiedownd te hebben in de drie gezusters was het tijd voor wat serieus danswerk in kerkplein. Ietwat schandalig en dat dansblok was ook echt iets te hoog voor mijn hoogtevrees. Maar muziek maakt veel goed, alles eigenlijk, dus daar stonden we dan lós te gaan, hoewel het me echt even kostte voordat ik in de beats zat. Later bedacht ik me waarom dat nu eigenlijk was.
Was het de muziek die me minder lag? Was het het felle lampenlicht dat vervelend in mijn ogen scheen? Was het de mollige jongen naast ons die too gay to function geil probeerde te zijn door de meest foute bewegingen te tonen met een zichzelf strelend handje en al? Nee, het was het formaat van het dansblok zelf. Het was te klein, ja echt. Ik heb gewoon ruimte nodig, omdat ik moeilijk op mijn 'plaats' kan blijven staan. Dat kon ik vroeger al niet wanneer we na het buitenspelen in een geordende rij moesten gaan staan. Het duurde me allemaal veel te lang en ik zag de logica ervan ook niet in waarom we niet gewoon allemaal tegelijk naar binnen konden lopen, automatisch zul je dan een soort van rij vormen vond ik altijd. Als ik op mijn plaats in die schoolrij moest staan, kriebelden mijn voeten, mijn benen, mijn armen, mijn alles. Ik wilde springen, rennen, dansen, bewegen. En dat is eigenlijk altijd zo gebleven.

Met een verliefde blik om dit weekend kan ik niet wachten tot het weer donderdag is;
lang leve 2009!